Visit Homepage
Skip to content

Houdini

Dit verhaaltje van weleer hoort bij deze blogpost. Het is gewoon geknipt en geplakt en niet nagekeken op tik- en andere fouten, dus die zult U erbij moeten nemen.

Ik wachtte aan de grote, ronde tafel van het kleine duistere vertrek. Zwijgend observeerde ik de druipende kaars die voor mij stond. Stilaan begon ik voor het eerst in mijn leven doodsbang te worden. Ja, doodsbang was ik voor wat was, en voor wat volgen zou. Een gevoel van absoluut onbehagen had zich van mij meester gemaakt. Ik hield mijn adem in, en telde tot tien – het ideale medicijn om panieksituaties te vermijden.

Het medium kwam de kamer binnen en had meteen alle aandacht op zich gevestigd. Ze keek ieder van ons doordringend aan. Daarna vroeg ze ons mekaar de hand te geven, om zo een cirkel te vormen. Gedwee, als een marionet, volgde ik haar bevel op – net zoals de andere aanwezigen trouwens. En zij, het medium, begon het vertrek op en neer te lopen. De belletjes aan haar mouwen rinkelden. “Kom” sprak ze met diepe stem, “Treed nader, verre vrienden.”

Plots kwam een kille wind, vanuit een hoekje ergens, de kamer binnen waaien. De vrouw lachte, en de pupillen van haar ogen waren zo rood geworden als die van een furie bezeten door razernij. Ik voelde de rillingen over mijn rug lopen. Dit bestond toch alleen maar in de fantasie van schrijvers en filmmakers?

“Maak U bekend” ging ze verder in haar typische stemgeluid, “Met wie hebben wij de eer ?” Terwijl haar ogen nog roder begonnen te worden, sprak ze met een mannenstem, en met een Duits accent : “Houdini” Gedurende de minuten die volgden, leek ze wel een vreemdsoortige conversatie met zichzelf te voeren – afwisselend de ene en dan weer de andere stem. Nochtans – in tegenstelling tot wat men wel eens vermoedt – was dit niet zomaar toneel. Het was geen spectaculair schouwspel. Neen, het was de harde realiteit. Niet bepaald realistisch, maar desondanks toch de realiteit.

Stuk voor stuk, een voor een, werden de truukjes van wijlen de grote goochelaar besproken, en vervolgens uit de doeken gedaan. Ik kon mijn ogen niet geloven … .

Na enige tijd was de hele sessie achter de rug. Opgelucht, en in zekere zin ook voldaan, verliet ik het mysterieuse huis.

“Rosabel” hoorde ik even later, wanneer ik net opnieuw op straat stond, roepen. Ik keek in de ogen van iemand die ik nog nooit gezien had, maar toch kende. Het lijkt vreemd, maar toch was het zo. “Ja ?” vroeg ik, “Wat is er ? En hoe kende U mijn naam ?” Hij glimlachte. “Wist je dan niet, Rosabel” wou hij weten, “Dat eeuwigheid noch mortaliteit Houdini kunnen tegenhouden ?” “Toch wel” weerlegde ik, “En daarom kan ik me geen grotere waarheden indenken dan dat.” Hij glimlachte. “Ik wist dat je me niet zou teleurstellen.” sprak hij. “Nooit” glimlachte ik, en stapte in mijn wagen. Vervolgens zette ik de motor in werking, en keek even in mijn achteruitkijkspiegel om hem voor een laatste keer te aanschouwen. Hij was reeds verdwenen